Lassi is een drank uit noord India. Het wordt gedronken bij religieuze feesten, maar ook bij bruiloften.
Traditioneel bestaat een lassi uit yoghurt, water en zout. Later zijn hier andere kruiden aan toegevoegd en ook fruit. Dit laatste biedt een ongekende mogelijkheid om verfrissende dranken te maken. Vooral mango is erg populair.
Hier combineer ik twee manieren om fruit te gebruiken. De eerste is in een lassi de tweede manier is een thaise server methode (zie hier). Fruit wordt geserveerd met een mengsel van Spaanse peper en zout. De combinatie met (heilige) basilicum maakt het heel bijzonder.
Ingrediënten
450 gr aardbeien
½ rode peper
4 kardemom peulen
6 el witte basterd suiker
mespunt zout (of meer naar smaak)
400 ml yoghurt
4 blaadjes basilicum
16 ijsblokjes
Was en ontkroon de aardbeien, doe ze in een blender of food processor. Doe hier een ½ rood pepertjes bij, wel eerst de zaden er uit halen. De zaden van de kardemom peulen in een vijzel tot poeder stampen en ook bij de aardbeien en de peper doen. Voeg nu suiker, zout en de yoghurt toe.
Laat alles draaien tot de aardbeien zijn gemalen.
Snij de basilicum fijn en voeg met de ijsblokjes toe aan de lassi. Als je thaise of heilige basilicum gebruikt kun je ongeveer 8 blaadjes nemen. Laat alles nu draaien tot het ijs stuk is en goed gemengd met de rest.
Zeef nu de lassi in een andere kom, liefst met tuit want dat schenkt veel makkelijker, en druk zoveel mogelijk vocht door de zeef.
Dit is genoeg voor ongeveer 900 ml lassi.
Afgelopen week zijn we met z’n vijven (Simone, Elizabeth, en Simone’s ouders) naar de 50ste Pasar Malam Basar in Den Haag geweest. Hoewel we al zeker vijf jaar in Den Haag wonen was het er nog nooit van gekomen. En ook dit jaar leek de grootste Indische/Aziatische markt aan ons voorbij te gaan. Het was namelijk alweer de laatste week dat het festival gehouden werd.
Ik kan zo’n markt natuurlijk niet bezoeken zonder flink culinair uit te pakken. Helaas had ik die zelfde avond een diner in restaurant Max (is ook altijd wel de moeite waard). Van veel proeven kwam dus niet zo veel terecht. Ik had echter wel een doel. Ik wilde de grootste boomvrucht kopen. De jackfruit is deze vrucht. Ook wilde graag een durian kopen.
De durian is een vrucht die een enorm sterke geur verspreidt. Zeg maar gerust dat het ding stinkt. Ik heb dit alleen nog nooit zelf ervaren. Wel hoorde ik tijdens het dinertje die avond dat de hotels in Thailand verboden te roken en verboden voor durians bordjes hebben.
De jackfruit kende ik alleen als snack, voorverpakt en verkocht als chips.
Omdat ik zoals gezegd nog andere afspraken had, zou Simone voor de aanschaf van het fruit zorgen. Helaas bleek de kleinste en daarmee ook de goedkoopste durian bijna €20,= te kosten. Dat was haar toch echt te veel voor een stinkend experiment. De jackfruit lukte wel. Niet een hele, maar een aardig stuk. Wat ik wel nog heb weten te kopen waren drie potjes sambal (badjak djawa, ketjap en gandaria) en drie sambal-worstjes. Allemaal afkomstig van de Sambalshop (ik heb ze belooft een link te maken wanneer hun website op orde is). Als ik de foto’s die mijn schoonvader heeft gemaakt heb gekregen komt hier ook nog een foto impressie van de Pasar.
Met de jackfruit ben ik aan de slag gegaan. Eerst gewoon als fruit bij het ontbijt. Rauw heeft de vrucht een wat romige, zoete smaak. In eerste instantie dacht ik aan ananas, maar het is echt anders.
De pitten (ongeveer ter grote van kleine kastanje) kun je poffen en eten. Ze smaken ook een beetje naar kastanje, maar veel minder uitgesproken.
Nu ligt de rest van de vrucht in de oven te drogen. Het leek me een aardig idee om gedroogde jackfruit als snack te serveren met een Thaise dip. De dip is een aanpassing op een recept van Chez Pim. In plaats van verse rode pepers heb de sambal badjak djawa van de sambalshop gebruikt.
Meng voor de dip 2 el. grof zout met 1 el. kristal suiker en 1 tl. sambal badjak djawa. Stamp het mengsel fijn in de vijzel. Het wordt heel mooi oranje rood.
Snij de jackfruit in stukken. Snij niet door de pitten, die kun je nog poffen en ook eten. Leg het fruit tussen bakpapier op het rooster van de oven. Droog het fruit op ongeveer 100 graden gedurende 2 uur. Draai de stukken fruit 1 keer.
Laat het fruit als het gedroogd is afkoelen. Meng het dan door de dip. Schut het zout mengsel er wat af en serveer de stukken fruit als borrel hapje.
Vanmiddag heb ik met vrouw en kind in het clingendael park gepicknicked.
Uiteraard had ik gisteren al het een en ander aan hartige versnaperingen klaar gemaakt. Iced tea, 3 soorten wraps en een panzanella variatie. Natuurlijk is het ook allemaal lekker als lunch binnen of in de tuin.
Hieronder staan de foto’s van de wrap met bietjes, de mediterane kikkererwten-courgette wrap en de panzanella ciabatta.
Alle drie de hapjes …
de bieten wrap in close-up…
… de panzanella ciabatta…
En de mediterane kikkererwten-courgette wrap. Hier volgt het recept:
100 gr courgette
1 teentje knoflook (geperst)
2 tl chilipoeder
1 tl gedroogde basilicum. tijm en oregano (van elk 1 tl)
200 gr kikkerertwten uit blik
100 gr feta
3 tortilla’s
- Snij de courgette in plakjes en bak deze in olie op een matig vuur. Als de courgette goudbruin is (niet zwart!) de knoflook, de chilipoeder en de kruiden toevoegen. Alles even mee, tot de knoflook begint te kleuren. Voeg nu de kikkererwten toe. Bak het geheel nog een paar minuten al omscheppend, tot dat de kikkererwten goed warm zijn en de smaken goed gemengt. Laat het mengsel afkoelen in de pan.
Als de boel is afgekoeld alles met de verkruimelde feta in de foodprocessor of het hakbakje van de staafmixer pureren. Zorg dat het niet te fijn wordt, er mogen nog best stukjes kikkererwt en feta herkenbaar zijn.
Verdeel 1/3 van het mengsel over de onderste helft van een tortilla. Vouw de zijkanten naar binnen. Rol nu de tortilla op. herhaal dit met de rest van de tortilla’s.
Voor het serveren in twee of drie stukken verdelen.
Bewaar tot gebruik in de koelkast.
[UPDATE] Er was iets mis gegaan met de foto’s. Als alles goed is moet het nu weer zijn herstelt.
Als het goed is is nu de twitter feed voor KokCadeau in gesteld…
dit is dus eigenlijk een test post.
Volg mij via twitter
Dit was het gerecht waar ik gisteren over twitterde. Het bleek weer een succes bij het bezoek.
De cottage cheese maakt de linzen heel lekker romig. Dit is echt een aanrader als je voor het eerst linzen maakt.
Vergeet niet ze eerst te wassen (de prie trouwens ook).
Voor 4 personen
2 preien
400 gr.groene linzen (rode linzen zijn voor soep)
1/2 l water
1 el kruiden bouillon
2 tl dragon (gedroogd)
2 tl mosterd
scheut zoete vermouth (bv. martini)
verse tijm (veel)
4 ruime el. cottage cheese
Snij de prei in vrij grote diagonale ringen. Bak de prei nu in veel boter in een grote (soep) pan, hier komen ook de linzen bij. Zorg dat de prei niet te veel gaat kleuren, maar mooi glazig wordt.
Voeg linzen, water, bouillon en dragon toe en kook dit ca. 15 minuten, tot linzen zacht zijn.
Haal de tijmblaadjes van de steeltjes, maar snij ze niet fijn.
Zet alles van het vuur en meng tijm, mosterd en de vermouth er door. Laat de pan met deksel staan tot alles klaar is om te serveren.
Voor het serveren cottage cheese een goede olijf olie door mengen.
Serveer er varkenskarbonade bij en gegrilde sla, zoals op de foto.
Een vrij simpel gerecht, met een smaken die aan de zomer doen denken.
Pistou is de Provençaalse variant op de genuaanse pesto (groen pesto dus) uit Italië. Pistou maak je eigenlijk het zelfde als pesto, je kunt dus heel goed kant en klare pesto genovese gebruiken.
Als je helemaal op de Provençaalse toer wilt gaan kun je de soep nog garneren met lavendel.
Simone heeft erg genoten van de soep: www.twitter.com/sim1andonly
Dit recept is voor meer dan 2 personen (ongeveer 4)
1 middelgrote ui
2 teentjes knoflook
2 tl peterselie
1 venkel
2 stengels bleekselderij
2 grote tomaten (allen het vlees, geen vocht en zaadjes)
1/2 courgette
1 bouillonblokje (of 1/2 l kippen bouillon)
200 ml vermouth (liefst Noilly Prat)
800 ml water (of 300 als je kippen bouillon hebt)
Pesto (kant en klaar, maar je mag het ook zelf maken).
De ui en de knoflook snijden en in olie zachtjes fruiten, ongeveer 5 tot 7 minuten. Voeg nu de peterselie toe en roer het allemaal goed door.
De groeten in kleine blokjes (brunoise) snijden en allemaal in de pan doen. Op een rustig vuur laten 15 minuten laten zweten. Wel af en toe roeren.
Alles alles nog net niet zacht is het vocht toe voegen (en het bouillon blokje). Met deksel op de pan ongeveer 20 minuten late pruttelen.
Nu 3 el pesto door de soep roeren en niet meer laten koken. Het lijkt of de soep heel vet is. Dat is de olie uit de pesto die komt boven drijven. Daarom moet je de soep echt goed roeren voordat je hem in borden schept.
Serveer de soep met stokbrood., brie doet het bijzonder goed bij deze soep en een goed glas witte wijn. Natuurlijk een Franse (een Bourgogne zou het goed doen), wij hadden een Australische chardonnay.
Oh ja, deze keer geen foto, die komt als ik de rest van de soep serveer (ik denk maandag met een panzanella).
Zondag hadden we wat mensen op bezoek. Natuurlijk heb ik de orange bars als dessert geserveerd.
Met extra slagroom en een caramel van cointreau, voor wat extra sinaasappel.
Het dessert werd omschreven als een “culinair orgasme in mijn mond”. Ik werd daar toch ook even stil van.
Op de verjaardag van de koningin zat ik naar de tv serie Vegas te kijken. Het gaat over een hotel in Las Vegas, Nevada. In deze aflevering werd een nieuwe pastry chef aangenomen. Het was een vreselijk mens, maar ze kon wel koken. Vooral haar lemon bars waren een grote hit.
Aangezien ik nog nooit lemon bars had gezien ben ik de dag erna een reecpt gaan opzoeken. Het grote Internet liet me gelukkig niet in de steek en ik heb een aardig recept gevonden. Het blijkt een traditioneel recept uit het zuiden van de VS te zijn.
Na dat ik alle maten van het Amerikaans naar het Europees had omgezet bleek ik helemaal geen citroenen (een vrij belangrijk ingrediÎnt voor dit recept) in huis te hebben. Gelukkig had ik nog wel ÈÈn grote sinaasappel.
Het is niet echt een traditionele lemon bar geworden. Maar hij is wel heel erg lekker.
Ik heb de citroen vervangen door sinaasappel, er vrucht vlees aan toegevoegd en 2 eetlepels southern comfort (het is tenslotte en recept uit het zuiden). Je zou ook cointreau kunnen gebruiken voor nog meer sinaasappel smaak. Ook komt het zout niet uit het oorspronkelijke recept. Maar het geheim van goede zoete gerechten is voldoende zout.
Probeer niet te ongeduldig te zijn als de cake uit de oven komt. Laat hem echt goed afkoelen, anders is hij veel en echt veel te zoet.

De Ingredienten
250 gr boter
250 gr bloem
75 gr poedersuiker
1/2 tl zout
4 eieren
1/4 kop sap van 1 sinaasappel
schil van 1 sinaasappel
4 el bloem
vrucht vlees van 1/2 sinaasappel
2 el southern comfort
Voor de bodem
Laat de boter zacht worden en meng dit met de bloem en de poedersuiker en zout zodat je een dik beslag krijgt.
Doe het beslag in een platte (vierkante schaal) en bak het ca 45 minuten in de oven op 160 C.
Vulling
Pers de voor de vulling de sinaasappel uit (1/4 kop is ongeveer 1 sinaasappel). Van een 1/2 sinaasappel het vruchtvlees los snijden. Zorg dat het witte deel niet meekomt. Dit is heel erg bitter en niet lekker. Doe het vruchtvlees bij het sap. Snij nu het wit van de rest van de schil af, doe dit ook met de andere helft van de sinaasappel. Gebruik een echt scherp mes, maar dus pas op. Als dit gedaan is heb je een heel dun lapje sinaasappelschil. Snij dit weer in reepjes en dan in kleine stukjes (zoals je ook kruiden zou snijden). Doe ongeveer een 1/4 bij het sap en het vruchtvlees. Bewaar de rest nog even.
Klop voor de vulling de eieren met een snufje zout los. Meng beetje bij beetje de suiker door de eieren. Dit gaat echt het best met en garde of een elektrische mixer. Het hoeft niet stijf te worden. Meng ook lepel voor lepel de bloem door het mengsel. Voeg nu ook de sinaasappel delen en de likeur toe.
Als de koek, de bodem, klaar is schenk dan de vulling er over. Sprenkel nu de overgebleven schillen over de vulling. Zet weer 40 minuten in de oven op 160 graden.
Meng suiker en heet water voor de icing (weet het Nederlandse woord even niet). En schep dit met een lepel over de sinaasappel cake.
Laat alles nu goed afkoelen en eet het bij koffie of als dessert met citroen en vanille ijs en slagroom.
[UPDATE] De foto is weer hersteld
Vorige week ben ik twee dagen in Brussel geweest voor zaken die helemaal niets met eten te maken hebben. Maar ik heb er wel goed gegeten.
Doordat de menu kaart in het Engels was, maar kennelijk vertaald uit het Frans kon ik alleen mijn voorgerecht thuis brengen. Een mooie en ook echt lekkere bloedworst (black pudding) met appeltjes en stroop. Ik had het nog nooit in een restaurant gegeten in deze klassieke vorm. Het hoofdgerecht was volgens de kaart iets met vis . Het bleek een overheerlijke bouillabaisse te zijn!!
Gisteren heb ik zelf weer eens deze bijzondere soep gemaakt. De komende twee posts geven het recept dat ik gebruik.
We beginnen makkelijk met een rouille. Meer vergeet niet zonder rouille heb je geen bouillabaisse, maar gewoon soep-met-vis-er-in.
Deze rouille is ook nog eens zwangere vrouw proof.
Nodig:
2 rode paprika’s
3 sneetjes wit brood zonder korst
melk
1 spaanse peper
3 of 4 teentjes knoflook
2 eidooiers
olie
zout en peper naar smaak
Bereiding:
Snij de paprika’s in de lengte doormidden en haal de zaadjes en de steel eruit. Leg ze met de snij kant naar beneden op een bord of schaal. Zet de paprika’s ca 30 tot 40 minuten in een oven op 180 graden. Of tot het vel zwart wordt.
In tussen het brood in wat melk laten weken.
Als de paprika’s klaar zijn, haal dan voorzichtig (brand je niet) het vel er van af.
Ontdoe nu ook de peper van zaadjes en zaadlijsten en doe samen met de knoflook en paprika’s in de blender of foodprocessor. Maal dit goed fijn. Voeg nu het brood toe, maar knijp eerst zoveel mogelijk vocht uit de sneetjes, en meng tot een egale massa ontstaat.
De rouille is nu al erg lekker en kan al geserveerd worden. Voor een meer authentieke, volle smaak doen we het mengsel in een klein pannetje en brengen het op middelmatig vuur aan de kook. Zet nu het vuur laag en voeg de 2 eidooiers en een scheutje olie toe. Zet het vuur weer hoog en roer het ei goed door de rouille. Laat nog even aan de kook komen, tot de saus dikker wordt.
Doordat het ei gemengd wordt met de hete paprika massa is het niet meer rauw en dus ook voor zwangeren veilig te eten.
De eerste stap in het maken van een grandioze vis maaltijd is gezet. Volgende keer de rest. Op de foto is te zien hoe het uiteindelijk wordt.

